|
Bij chroniciteit gaat het om langer bestaande hypertensie, ritmestoornissen, pacemaker / ICO, de periode ná een doorgemaakt infarct, hartklepgebreken, hartfalen, PAV en CVA. Enkele zeldzame hart- en vaatafwijkingen, al of niet aangeboren of onderdeel van een syndroom, passeren de revue. Uitvoerig aandacht wordt besteed aan de diverse medicamenten (indicatie, bijwerkingen en interacties) en aan revalidatie (na infarct, bij hartfalen, na CVA). T.a.v. arts-patiënt-communicatie gaat het om compliance en life-style (stoppen met roken, revalideren) en begeleiding van patiënt en leefomgeving in geval van verminderde validiteit en naderend sterven. De samenwerking met paramedici en specialisten wordt besproken en geanalyseerd, mede op grond van ervaringen tijdens de korte stages in bv. de hartfalenpoli, de stroke-unit en de revalidatiekliniek. Het patiënt-volgsysteem in de eigen praktijk wordt onder de loep genomen, o.a. het databeheer en het oproep c.q. afspraaksysteem. Het fenomeen DBC rond chronische hart- en vaatproblematiek wordt belicht. De EBM richt zich in het bijzonder op antistolling/ antiplaatjesaggeraten en niet medicamenteuze interventies. Affiniteit en moeite met chronische zorg worden besproken.
|