Cursusinhoud

Cursusinhoud

De nadruk ligt op onderwijs in de actuele wetenschappelijke inzichten op alle gebieden van hart- en vaatziekten. Onderwijs wordt verzorgd door huisarts-experts en specialisten. Na afronding van de kaderopleiding-HVZ zijn de deelnemers in staat tot wetenschappelijk onderbouwd(e):

risicomanagement

Hieronder valt de epidemiologie, met het accent op risicofactoren, screening en management, mede in de context van multimorbiditeit en polyfarmacie. Ten aanzien van communicatie met de patiënt ligt het accent op voorlichting, compliance en monitoring. Daarbij komt als vanzelfsprekend de Praktijkondersteuner (PO) in het vizier en daarmee de onderwerpen samenwerking, datamanagement en praktijkmanagement . Praktijk management krijgt veel aandacht, opdat de deelnemer aan het einde van de opleiding kan bogen op een goed doortimmerd plan voor risicomanagement en hiervan reeds een deel heeft gerealiseerd.  Ook de investering in geld en mankracht om tot optimale zorg te komen is onderwerp van discussie. De deelnemer is aan het einde van de opleiding in staat om collega’s hierover te adviseren. Dit past in het streven naar een meer proactieve eerstelijnsbenadering van (o.a.) hart- en vaatziekten

Bepaalde risicogroepen worden extra belicht: dikke kinderen en hun opvoeders, mensen met slechte eetgewoonten; mensen die erfelijk belast zijn. Eigen opvattingen t.a.v. preventie, levensstijlbeïnvloeding e.d. zijn onderwerp van debat.
In alle capita selecta wordt aandacht besteed aan de wetenschappelijke bewijsvoering (EBM). Ook de inbreng van de farmaceutische industrie wordt besproken.
 
NB. Risicomanagement vergt een multidisciplinaire aanpak. Betrokken paramedici, praktijkondersteuners (PO-ers), nurse practitioners (NP-ers), en diëtisten zullen waar mogelijk bij het onderwijs worden betrokken (als docent en/of als cursist).

diagnostiek

Dit hoofdstuk betreft zowel fysische diagnostiek als de aanvullende diagnostiek:
- lege artis uitvoering, de (valkuilen bij) interpretatie[1].
- het lichamelijk onderzoek wordt getraind
- souffles worden beluisterd en besproken
- doppler-onderzoek in het kader van PAV wordt geoefend.

Vaardigheid in de interpretatie van het ECG wordt bij aanvang van dit blok aanwezig geacht. Kennis van de wijze van uitvoering van inspannings-ECG, Holter/event-recorder, echo, thalliumscintigrafie, coronairangiografie etc, vormt een onderdeel van deze module. Het accent ligt vooral op de betekenis van de testuitslagen in het diagnostisch traject.
De deelnemers zullen in de vorm van stages op de cardiologische functiekamer onderzoek observeren t.a.v. meting, meetfout, indicatie en patiëntinstructie. De samenwerking met de (eigen) cardiologische afdeling, stroke unit en specialisten komt aan de orde. Een goede kennis van de besliskunde is onontbeerlijk bij hart- vaatdiagnostiek. Daarom zal hieraan ruim aandacht worden besteed. Ook kostenaspecten komen aan de orde.

[1] O.a. betrouwbaarheid van bloeddrukmeten (b.v. RR meten bij AF), werking van bloeddrukmeters, (silent gap, re/li-verschillen), ritme stoornissen, hart-auscultatie en -palpatie, CVD, carotis massage. palpatie perifere vaten, basis neurologisch onderzoek.